Spring naar content

Hoe zorg je voor de juiste motivatie om beweeggedrag te veranderen?

Het is lastig iemands gedrag te veranderen om meer te bewegen. Factoren die gedrag beïnvloeden zijn bijvoorbeeld gewoontes, sociale omgeving en weerstand. Voor het volhouden van nieuw, gewenst beweeggedrag is inspelen op de motivatie van je cliënt belangrijk. Waarom wil iemand meer bewegen? Als je de motivatie van iemand helder hebt, kun je handvatten creëren om iemand te helpen bij het veranderen van gedrag.

Typen motivatie

De hoeveelheid en het type motivatie bepalen in hoeverre iemand daadwerkelijk zijn of haar gedrag wil veranderen om meer te bewegen. De zelfdeterminatietheorie van Deci en Ryan onderscheidt verschillende typen motivatie op basis van wat mensen drijft om gedrag te veranderen[1]. Deze typen zijn te zien in onderstaande tabel.

Typen motivatie in de zelfdeterminatietheorie.

De zelfdeterminatietheorie maakt onderscheid tussen autonome en gecontroleerde motivatie. Autonome motivatie komt van binnenuit, gebaseerd op eigen keuzes en emoties. Volledig autonome motivatie noemen we intrinsieke motivatie. Maar ook andere typen motivatie zoals ‘identificatie’ en ‘integratie’ zijn autonoom. Deze typen motivatie zijn het meest kansrijk om gedrag duurzaam te veranderen[1]. Bij gecontroleerde motivatie zorgen externe prikkels dat iemand is gemotiveerd om bepaald gedrag uit te voeren, zoals een beloning of het voorkomen dat iemand zich schuldig voelt. Verschillende vormen van extrinsieke motivatie zijn gecontroleerde motivatie, zoals externe regulatie en introjectie.

  • Ongemotiveerd: volledig gebrek aan motivatie of intentie om bepaald gedrag te vertonen. Mensen zijn niet gemotiveerd als ze het gevoel hebben niet in staat te zijn om ander gedrag te vertonen of de uitkomsten van nieuw gedrag niet belangrijk vinden. Veranderingen in iemands omgeving of beleving kunnen ervoor zorgen dat iemand gemotiveerd raakt, bijvoorbeeld wanneer iemand steeds meer nadelen van een aandoening ondervindt of wanneer een professional aangeeft dat het goed zou zijn als iemand meer zou bewegen.
  • Extrinsiek gemotiveerd: extrinsieke motivatie wordt getriggerd door externe factoren. De theorie laat verschillende nuances zien in de aard en mate van extrinsieke motivatie:
    • Extern gereguleerde motivatie: extern gereguleerde motivatie is de klassieke vorm van externe motivatie. Iemand is gemotiveerd om gedrag te vertonen omdat er een beloning van buitenaf tegenover staat of een straf wordt vermeden. Voorbeeld: ‘Ik ga naar de sportschool omdat ik anders op mijn kop krijg van de fysiotherapeut’. of: ‘Er zitten voldoende financiële voordelen aan bewegen’. Deze vorm van motivatie is het minst autonoom en het meest extern gecontroleerd.
    • Geïntrojecteerde motivatie: bij deze vorm van motivatie is iemand bereid om gedrag te veranderen, maar doet diegene dit nog niet vanuit eigen wil of interne drijfveren. Daarmee is de motivatie nog steeds extern gecontroleerd. Iemand is bijvoorbeeld gemotiveerd om zich aan de regels te houden of om te voldoen aan externe verwachtingen. Voorbeeld: bewegen om te voldoen aan een schoonheidsideaal of schuldig voelen om een afspraak om te komen niet na te komen.
    • Geïdentificeerde motivatie: geïdentificeerde motivatie komt meer vanuit de persoon zelf. Iemand is gemotiveerd omdat diegene beseft dat het nieuwe gedrag iets oplevert of wat goeds brengt. Voorbeeld: iemand is gemotiveerd om te bewegen zodat conditie verbetert of om lekkerder in zijn of haar vel te zitten. Deze vorm van motivatie is meer autonoom omdat iemand zichzelf aanzet tot het veranderen van gedrag om het gewenste doel te bereiken.
    • Geïntegreerde motivatie: de meest autonome vorm van extrinsieke motivatie is geïntegreerde motivatie. Hierbij is iemand gemotiveerd om gedrag te veranderen omdat het gewenste gedrag als onderdeel van iemands identiteit wordt gezien. Iemand is gemotiveerd om meer te bewegen omdat dit past bij zijn of haar identiteit als sporter. Voorbeeld: ‘Ik ga naar de sportschool omdat ik mezelf beschouw als een sporter’.
  • Intrinsiek gemotiveerd: intrinsieke motivatie is de volledig autonome motivatie die helemaal vanuit iemand zelf komt. Als iemand intrinsiek gemotiveerd is, voert diegene gedrag uit omdat het leuk is, voldoening geeft of het zelf interessant vindt. Voorbeeld: iemand gaat voetballen omdat hij het leuk vindt.

Voor het veranderen van gedrag en het volhouden van nieuw gedrag hoeft motivatie niet per se intrinsiek te zijn. Geïdentificeerde of geïntegreerde motivatie zijn in veel gevallen ook voldoende om bepaald gedrag te vertonen en vol te houden. Ook kan een extrinsieke vorm van motivatie een prima eerste duwtje zijn voor het veranderen naar nieuw gedrag. Belangrijk is dat de motivatie dan op termijn meer autonoom wordt, zodat iemand het gedrag op de lange termijn kan volhouden en niet meer afhankelijk is van de externe prikkel.

Ondersteunen van motivatie

Het type motivatie bepaalt hoe je iemand het beste kunt ondersteunen om te gedrag te veranderen naar meer bewegen. Als iemand bijvoorbeeld geïdentificeerde motivatie heeft om te bewegen, is het belangrijk dat diegene een beweegactiviteit onderneemt waarvan hij of zij inziet dat het positieve effecten heeft[1].

De zelfdeterminatietheorie onderscheidt voor iedereen drie psychologische basisbehoeften:

  • Autonomie: iemand heeft de vrijheid om gedrag naar eigen inzicht uit te voeren en heeft invloed op wat hij of zij doet.
  • Gevoel van competentie: het vertrouwen van een individu dat hij of zij in staat is het gedrag uit te voeren. 
  • Verbondenheid: de verbondenheid met de omgeving, ofwel het vertrouwen dat iemand voelt te hebben van anderen.

De mate van voldoening in deze basisbehoeften bepaalt welk type motivatie iemand ervaart voor specifiek gedrag. Dus: hoe sterker iemand de basisbehoeften ervaart, hoe meer iemand gemotiveerd is om het gedrag uit te voeren[1]. Als professional kun je daarop inspelen door iemand te stimuleren in een of meerdere basisbehoeften en zo de motivatie te vergroten.

Aan de slag

Als je iemand ondersteunt in het veranderen van gedrag is het niet alleen belangrijk om te weten wat het doelgedrag is, maar ook de motivatie van iemand om gedrag te veranderen. Bepaal wat voor type motivatie dit is en speel hierop in om gedrag duurzaam te kunnen ondersteunen. Wil je meer handvatten om het gesprek aan te gaan en te ondersteunen in het veranderen van gedrag, bekijk dan eens de Beweegcirkel. De Beweegcirkel helpt jou als professional om anderen in vijf stappen te begeleiden en te stimuleren meer beweging in hun dag te brengen.

Meer weten?

Wil je meer weten over het veranderen van gedrag en de rol van motivatie hierbij? Of wil je meer weten over veelvoorkomende argumenten en valkuilen van het veranderen van gedrag? Lees dan het e-book ‘Beweeggedrag veranderen’.

Bron

  1. Deci EL, Ryan RM. Self-Determination Theory. 2015.