Spring naar content

Passie voor vechtende jongeren

Zes vechtsportinitiatieven uit Nederland zijn met elkaar in gesprek over de waarde van vechtsport voor jongeren. Het is onderdeel van een samenwerkingstraject tussen Kenniscentrum Sport, hogescholen en universiteiten en vechtsportinitiatieven. Met veel passie zorgen vechtsportclubs ervoor dat jongeren mee (gaan) doen in de maatschappij.

Het samenwerkingstraject Waarde van vechtsport voor jongeren heeft als doel nieuwe inzichten te verkrijgen in wat de betekenis van vechtsport kan zijn bij het gevecht dat jongeren uit krachtwijken hebben met hun idealen en omgeving. Wat zijn de aspecten van de vechtsport(omgeving) die bijdragen aan een positieve ontwikkeling van jongeren die bijvoorbeeld uit een gebroken gezin komen, leven in armoede of niet in Nederland zijn opgegroeid? Dit inzicht moet enerzijds de vechtsportpraktijk concrete handvatten bieden voor hun verdere ontwikkeling op sociaal-maatschappelijk vlak. Anderzijds moet het bijdragen aan de herkenning en erkenning van de maatschappelijke waarde van vechtsport. Hiervoor worden zes onderzoeksprojecten opgezet waarin studenten van hogescholen en universiteiten (praktijk)onderzoek gaan doen bij vechtsportclubs uit het hele land.

Betrokken vechtsportinitiatieven

De betrokkenen van de vechtsportinitiatieven zijn Roemer van Oordt (Boks het voor Elkaar, Amsterdam), Paul Lengkeek en Mickey van der Wal (worstelvereniging De Halter, Utrecht), Krista Fleming (Kickboxing Arnhem/KF Action), Raymond Erberveld (De Haagse Directe), Youssef Noudri en Mieke van der Sanden (kickboksvereniging Hambaken Gym, Den Bosch) en Boksvereniging Van ‘t Hof uit Rotterdam. Daarnaast zijn hogescholen en universiteiten, gemeenten, ministeries, vechtsportbonden en andere geïnteresseerden betrokken.

Passie voor vechtsport

‘Passie’ lijkt het sleutelwoord voor het succes van de vechtsportinitiatieven. Passie voor de vechtsport, maar ook passie voor jongeren en hun gevecht. Voor de trainers is hun vechtsport een way of life: ze zijn er elke dag mee bezig, of dat nou als vrijwilliger is of als betaalde kracht. Kinderen worden ‘besmet’ met dat gevoel, maar ook de betrokken coördinatoren en bestuursleden worden er in meegenomen. De vechtsportclub voelt als een gemeenschap of familie waar je bij wilt horen. Het is intiem, iedereen is er hetzelfde en komt er met hetzelfde doel. Het kan kinderen met een instabiele thuissituatie een nieuw ‘thuis’ bieden. De trainers zijn daarin een rolmodel, door wat ze bereikt hebben in hun eigen vechtsportcarrière, maar ook door hun status in de wijk. Ze kennen de situatie waar de jongeren in zitten omdat ze er zelf vaak ook in hebben gezeten. Zij zijn dus vaak beter in staat jongeren echt te bereiken dan andere outsiders.

“Ik wil ze behoeden voor de fouten die ik zelf heb gemaakt.”

Mickey van der Wal

Structuur en empathie

De vechtsporttrainers zijn streng en hanteren duidelijke regels. Daarbij zijn houding, stemgebruik en mimiek van belang. Maar minstens net zo belangrijk is het handje geven bij binnenkomst, de persoonlijke aanpak, laten weten dat je er voor ze bent. Dat doet iedere trainer op zijn eigen manier en met zijn eigen persoonlijke aanpak. Jonge trainers moeten dit leren binnen de vechtsportomgeving, bijvoorbeeld als assistent. Op die manier weten ze precies wat er speelt en leert de nieuwe trainer vanzelf het vak als ware het een praktijkstage. Een goede trainer moet groeien, en dat kost tijd. Een formele opleiding kan trainers de basis bieden, maar trainerstalent is ook belangrijk.

“Kinderen zijn een afspiegeling van de trainer.”

Krista Fleming

Fysieke grenzen vechtsport

De trainers hebben allen zelf ervaren wat vechtsport voor je kan betekenen: je krijgt er onder andere meer zelfvertrouwen van, wordt weerbaarder en leert je grenzen kennen en aangeven. Maar wat maakt vechtsport anders dan andere sporten? Bij vechtsporten zit je letterlijk in elkaars persoonlijke ruimte, waardoor het ijs sneller gebroken is. Omdat je tegenstander heel dichtbij komt leer je direct je grenzen kennen en aangeven. Doordat het zo lijfelijk is, is het een heel spannende sport, wat zowel fysiek als emotioneel geuit wordt. Het verschil met andere sporten ligt dus vooral in de aard van de sport. Maar: uiteindelijk valt of staat het succes van vechtsport, net als bij andere sporten, met de kwaliteit van de trainer.

Wijkgericht

De vechtsportinitiatieven hebben veel contact met partners in de wijk. Soms gaat de betrokkenheid nog verder dan de vechtsport zelf. Zoals bij Noudri die als verbinder in de wijk deuren opent die voor de jongeren uit zijn buurt vaak dicht blijven. Hij helpt met hun huiswerk, regelt werk en opleiding en zorgt dus dat ze mee (gaan) doen in maatschappij. Bij ‘Boks het voor Elkaar’ houden verschillende buurtorganisaties spreekuur omdat ze daar de jongeren wél goed kunnen bereiken. Ook is het belangrijk om ouders te betrekken en ze met net zoveel structuur en empathie te behandelen als hun kinderen. De samenwerking tussen de trainer en coördinator is een belangrijke kracht van de succesvolle initiatieven. Daarbij is de trainer belangrijk voor het contact met de jongeren en de impact op hen en creëert de coördinator netwerken en zorgt hij onder andere ook voor financiering.

Belemmeringen

Ondanks de grote successen zijn er ook belemmeringen. Zo moeten de meesten het echt zelf doen, vaak met 24/7 mentaliteit, en krijgen ze weinig financiële ondersteuning van de overheid. Ook op het gebied van erkenning, certificering en opleidingen valt er nog veel winst te behalen. Het slechte imago van de vechtsport speelt daarbij soms een rol. De vechtsportclubs proberen daarom mensen een positieve vechtsportervaring te geven. Erberveld laat een sceptische ambtenaar bijvoorbeeld een bokstraining meedoen om hem de sfeer van de vereniging te laten voelen. Als mensen de vechtsport en bijbehorende omgeving leren kennen valt het slechte imago vaak weg. De onderzoeksprojecten binnen dit traject kunnen een uniek inkijkje geven in die vechtsportomgeving om zo de goede (en minder goede) elementen te leren herkennen en erkennen.