Spring naar content

Verschillen in sportgedrag: hoe bind je jongens?

Sport- en beweegactiviteiten aantrekkelijk maken en houden voor jongens en meisjes betekent in de eerste plaats aansluiten bij hun leerstijlen, hun motieven en hun belemmeringen. De verschillen in ontwikkeling tussen meisjes en jongens leiden ertoe dat je jongens en meisjes vaak net iets anders moet bieden of begeleiden. Een aantal sportbonden heeft om die reden een speciaal aanbod voor jongens ontwikkeld. Hieronder de aanpak van de hockey- en de handbalbond.

Hockey

De hockeybond KNHB zag in de afgelopen jaren dat bij de jeugdleden het aantal jongens gelijk bleef, terwijl het aantal meisjes dat ging hockeyen wél toenam. Rolf Martens, manager Doelgroepen bij de KNHB: “Daarom hebben we toen ingezet op de ondersteuning van verenigingen op dat gebied. Sinds ruim een jaar bieden we nu themabijeenkomsten aan voor verenigingen en eind september heeft Boukje Smeets er ook een webinar over gegeven. We willen clubs helpen te laten zien hoe je de jongens bereiken kan en wat je hen dan zou moeten bieden.”

Urban Hockey

Martens: “Het gaat erom dat we hockey weer stoer willen laten worden. Met Urban Hockey – hockey in de wijk – lukt dat bijvoorbeeld goed. Met de Road Show weten we de jongens in elk geval te bereiken. En sommige clubs hebben ook al echt successen geboekt.” Belangrijk is volgens Martens de manier waarop je de jongens benadert. En daarin wil de bond nog meer betekenen voor de toekomst, bijvoorbeeld door er ook in de opleidingen van de trainers en coaches dieper op in te gaan. “We zijn er nu mee bezig om in alle opleidingstrajecten aandacht te besteden aan het op verschillende manieren aanbieden van de oefenstof voor jongens en voor meisjes. Daar valt zeker nog winst te boeken.”

We willen hockey weer stoer laten worden.

Rolf Martens, KNHB

Handbal

Danny de Ruiter, manager verenigingsservice & productontwikkeling bij het Nederlands Handbal Verbond (NHV), vertelt over de achtergrond voor de extra aandacht voor jongens. “Nederland is één van de weinige landen waar aanzienlijk meer vrouwen dan mannen handbal spelen. Dit is historisch zo ontstaan en gegroeid. De laatste paar jaar is de ledendaling binnen het NHV eindelijk een halt toegeroepen. Mede dankzij onze succesvolle nationale damesploeg is een stijgende lijn ingezet. De afgelopen tien jaar is het aantal mannelijke handballers met ongeveer 20% gedaald. Dit heeft ertoe geleid dat steeds meer handbalverenigingen incomplete jongensteams kregen en bij wedstrijden de niveauverschillen en reisafstanden groter zijn geworden. Veel jongens die willen gaan óf blijven handballen, kunnen dit niet omdat er in hun buurt geen (geschikt) team beschikbaar is. De uitstroom van handballers was te groot en de instroom te beperkt.”

Onbekendheid bij jongens

Anderhalf jaar geleden begon De Ruiter met het project Jongens Handballen!: “Eerst hebben we ons gericht op de vraag: hoe zit het nou? Die liet verrassend zien dat bij handbal de factor onbekendheid een heel belangrijke reden is waarom jongens niet gaan handballen. We hebben ons gericht op jongens van 11 tot 14 jaar en voor hen de ‘Handball Battles’ in het leven geroepen, gecombineerd met de website handbalhelden.nl. Een uniek concept dat werkt! De battles zijn gaaf, inschrijven gaat via de website, vriendjes kunnen mee, kortom: we bereiken jongens. Vorig seizoen hadden we ruim 750 jongens die deelnamen, waarvan ongeveer 20% niet-handballers waren. Voor dit seizoen streven we naar 1000 deelnemers en een kwart niet-handballers. Vorig seizoen is het aantal handballende jongens in de D- en C-jeugd ineens met 8% gestegen. En dat zijn mooie resultaten om komend seizoen samen op voort te borduren.”

Veel jongens die willen gaan óf blijven handballen, kunnen dit niet omdat er in hun buurt geen (geschikt) team beschikbaar is.

Danny de Ruiter, NHV

Boukje Smeets over het binden en boeien van jongens

Boukje Smeets verzorgt niet alleen de webinars over het onderwerp voor de hockeybond, zij heeft zich al enkele jaren in het onderwerp verdiept. “Ik hou me daar druk mee bezig, ja! Ik ben zelf hockeytrainer met een ALO-achtergrond, en heb een aantal jaren geleden ‘de Hokkieschool’ opgezet, waarin kinderen vanaf 5 jaar motorische bewegen met een knipoog naar hockey middels het programma Funkey van de KNHB. Mij viel toen op dat daar veel meer meiden aan meededen dan jongens.”

Dat fenomeen wilde Smeets verder bestuderen, en daar kreeg ze de gelegenheid voor tijdens haar Master Sport- en beweeginnovatie aan de HAN. Smeets: “Het thema jongens bleek een landelijk ‘probleem’ te zijn, niet alleen op de hockeyclub, maar ook in het onderwijs. Ik heb me toen verdiept in hoe je beter aansluit bij de ontwikkelingskenmerken van jongens om hen zo ook meer te boeien en te binden. Voor de hockeybond heeft dat bijvoorbeeld geresulteerd in Urban Hockey. Die vorm past goed bij jongens, en kan zowel op de club als in de wijk gespeeld worden.”

‘Juffenmanier’

Smeets zet zich in voor een breed inzetten van verschillende aanbiedingsvormen voor jongens en meisjes, niet alleen in de sport, maar ook in het bewegingsonderwijs. Met name voor jongens is de huidige manier waarop het vaak gebeurt niet ideaal. Smeets: “In het onderwijs zie je het ook vaak. Jongens vragen: waarom moet ik dit doen? Ze zijn snel afgeleid, en de les wordt vaak gegeven op een ‘juffenmanier’: In het klaslokaal heel talig en buiten op het schoolplein wordt vaak geroepen ‘pas op’, ‘wees voorzichtig’… Jongens leren middels triall and error, die willen experimenteren.”

Voor het Urban hockey werd een methodiek ontwikkeld, die hockeytrainers nu toepassen. Volgens Smeets is het essentieel dat je de jongens in de training sneller een gevoel van succes laat beleven. De methodiek haakt daarop in met levels, battles en challenges. “In de levels traint iemand alleen, in de battle in tweetallen en in de challenges gaat het erom dat je samen beter wordt. En de ontwikkeling in combinatie met succesbeleving staat bij alledrie de vormen op de voorgrond.”

‘Mét, door en voor!’

Wat is volgens Smeets dan het geheim van het boeien en binden van jongens? “Dat is mét, door en voor! Je moet cocreëren, aansluiten bij hun belevingswereld. Dan zie je wat ze willen doen.” Als voorbeeld noemt Smeets ook het gebruik van de LEGO Serious Play methode, waarbij het ‘denken met de handen’ centraal staat. Om inzicht te krijgen in hoe we beter kunnen aansluiten bij de ontwikkelingskenmerken van jongens heeft Smeets in haar onderzoek gebruik gemaakt van de LEGO Serious Play methode. Eén van opdrachten was: “Stel je stapt in de tijdmachine en deze brengt je naar 2125 en daar mag je de Hockey City van de Toekomst bouwen. Hoe ziet deze er dan uit?”

Smeets: “Met de LEGO stenen kunnen zij dat beter laten zien en ‘verwoorden’, dan dat ze het onder woorden moeten brengen en in interview. Het heeft mooie inzichten opgeleverd die we nu toepassen in de ontwikkeling van de methodiek Urban Hockey een tijdens de trainingen die we aanbieden aan de jongens. Belangrijk bij LEGO Serious Play is het ‘nadenken’ met je handen. Je drukt in feite je gedachten en gevoelens uit in LEGO-modellen. De LEGO-modellen fungeren als metaforen – beeldspraak – en als een visuele inspiratiebron voor verder gesprek. Ze bieden de ruimte ideeën en mogelijkheden uit te proberen.”